
Vorige week ben ik samen met mijn dochter naar de presentatie geweest van alweer het zesde deel van het Birdpixboek. Dit keer stond het boek in het teken van ‘vogels in hun leefomgeving’.
De presentatie werd gehouden in een zaaltje van Naturalis in Leiden. Voor mij niet naast de deur, maar toch de moeite waard om te komen. Ook omdat het eerste exemplaar werd aangeboden aan Pieter van Vollenhoven. Een echte prins (toch?) en dat wilde Dieke wel eens met eigen ogen zien. Voorafgaand aan de aanbieding van het eerste exemplaar was er een paneldiscussie over het spanningsveld tussen recreatie en natuurbehoud. Boeiend om te zien dat hier heel verschillend over gedacht wordt. Er komt wel steeds meer ruimte voor de opvatting dat het belangrijk is om het publiek ook te laten genieten van de natuur. De natuur is immers van ons allemaal! Nou ja, we zijn rentmeesters (zo zie ik het). Blijft natuurlijk wel een punt hoe je het grote publiek verantwoord kunt laten genieten van de natuur. Zomaar grote gebieden afsluiten is volgens mij niet de oplossing.
Opvallend was ook dat uit een onderzoek bleek dat natuurfotografen op plek 2 stonden qua verstoring. Op 1 geloof ik mensen met honden. En dan ben ik als (ex)wetenschapper natuurlijk altijd benieuwd naar hoe dit onderzoek is gedaan. Hoe kun je in vredesnamen verstoring meten (van wat, alle dieren?). En is ook het aantal natuurfotografen meegenomen? Volgens mij zijn er in Nederland nog altijd heel wat meer mensen met een hond dan met een 500 mm. Komt bij dat een 500 mm lens over het algemeen wat beter aangelijnd is en beter luistert…
En toen was het tijd voor Pieter van Vollenhoven. Dieke legde haar Donald Duckjes aan de kant en ging er goed voor zitten. Naast fotograaf bleek dhr. van Vollenhoven ook een boeiend verteller. Hij nam ons mee op reis naar de rol die dieren in zijn leven hebben gespeeld. Sinds enkele jaren is hij begonnen met dit vast te leggen met de camera (en een rijtje lenzen waar je goed mee voor de dag kan komen). Vooral de verhalen bij de platen maakten het tot een mooi geheel. Dieke volgde het goed en werd meegenomen in de verhalen over het grootbrengen van jonge reetjes, vossen en dassen in de tuin en het kleine leed van een appelvink met een beschadigde snavel.
Dhr. van Vollenhoven eindigde met de opmerking dat hij wel voorstander is van het aanleggen van meer rustgebieden. Maar dat zou ik natuurlijk ook zijn als ik het kroondomein als achtertuin had.
O ja, in het boek is een foto van mij opgenomen van een steenuil die zit te zonnen in een half afgebrand huis.