Niets menselijks is landschapsfotografen vreemd. Het blijken namelijk vaak ook kuddedieren te zijn. Ze gaan met zijn allen dezelfde plekjes af. Voor een deel begrijpelijk, want de bekende plekjes zijn vaak niet voor niets bekende plekjes. Aan de andere kant, er is zoveel te ontdekken. Als je wat verder gebieden intrekt, dan is er nog veel ontongonnen terrein. Deze foto maakte ik op een zeker niet onontgonnen terrein. Het viel me de laatste jaren op dat het hier in augustus bijna aansluiten is in de rij van landschapsfotografen. Niet mijn ding, dus de laatste jaren mijd ik deze plek in augustus. Maar in juni is er weer niemand vroeg in de ochtend. Beetje vreemd is dat wel, want ook dan kan het er mooi zijn.
Deze ochtend wilde ik mijn nieuwe ‘landschapscamera’ de Fujifilm GFX 50R eens goed aan de tand voelen. En wat een mooie camera is dit voor landschapsfotografie. Heel veel dynamisch bereik en een ongelooflijke hoeveelheid details die worden vastgelegd. Het vereist wel een zorgvuldige manier van fotograferen. Zo moet je het scherpstelpunt goed kiezen in verband met de beperktere scherptediepte van deze medium format camera’s. En dan kom je ook weer snel terecht bij hogere f-waardes in combinatie met lage iso-waardes. Langere sluitertijden dus, waarbij een statief eigenlijk onontkoombaar wordt. Niet erg, gewoon de tijd nemen en genieten van ‘slow photograhpy’. Met als beloning foto’s met mooie kleuren en heel veel detail, waar je als het moet je kamer mee kan behangen. Mijn oude liefde landschapsfotografie die een beetje aan het verpieteren was, bloeit weer op!

